Gratis PDF · groep 7 · moeilijk

Begrijpend lezen oefenen voor groep 7

Oefen begrijpend lezen voor groep 7 met 10 gratis meerkeuzevragen. Download de PDF en bekijk daarna de antwoorden en uitleg.

Zo gebruik je de toets

Printen, maken en samen nakijken.

  1. 1

    Download en print de PDF.

  2. 2

    Laat de 10 vragen rustig maken.

  3. 3

    Bekijk de antwoorden en bespreek de uitleg.

Online bekijken

De 10 oefenvragen

Open het antwoord pas nadat de vraag is gemaakt.

  1. Vraag 1

    Lees de tekst. Tessa bouwt een vogelhuis voor het schoolproject. Ze zoekt eerst informatie op internet en vergelijkt verschillende ontwerpen. In haar logboek schrijft ze: “Ik kies een dak dat iets oversteekt, zodat regen niet direct op het nest valt. Ook maak ik de opening niet te groot.” Aan het einde van de middag hangt ze het vogelhuis op bij een struik. Haar docent zegt: “Je hebt niet alleen iets gemaakt, je hebt ook nagedacht over wat vogels nodig hebben.” Wat is de belangrijkste reden dat Tessa het dak laat overstekken?

    1. AOm het vogelhuis sneller op te kunnen hangen
    2. BOm te zorgen dat regen minder direct bij het nest komt
    3. COmdat een overstek de opening groter maakt
    4. DOmdat vogels anders niet in de buurt durven komen
    Bekijk antwoord en uitleg

    Om te zorgen dat regen minder direct bij het nest komt — Zoek in de tekst naar de verklaring van de keuze en laat die de vraag beantwoorden.

  2. Vraag 2

    Lees de tekst. In de kantine staat een bord met regels voor de schoolwinkel. Daarop staat: “Alle aankopen moeten worden afgerekend met muntgeld. Pinnen is niet mogelijk. Alleen op woensdag geldt er een uitzondering: dan mogen leerlingen ook betalen met een strippenkaart.” Sommige leerlingen zeggen dat het bord vaag is. De conciërge reageert: “Dat klopt niet. Op het bord staat precies wanneer de uitzondering geldt. Wie op woensdag koopt, kiest voor de strippenkaart; andere dagen niet.” Welke mening past het best bij de reactie van de conciërge?

    1. ADe regels zijn onduidelijk, omdat ze alleen voor woensdag gelden.
    2. BHet bord is niet vaag, omdat er precies staat wanneer de uitzondering geldt.
    3. CDe schoolwinkel is alleen op woensdag open, dus betalen op andere dagen is niet nodig.
    4. DLeerlingen mogen altijd met muntgeld en strippenkaart betalen, zonder regels.
    Bekijk antwoord en uitleg

    Het bord is niet vaag, omdat er precies staat wanneer de uitzondering geldt. — Kijk of de tekst een standpunt (mening) laat zien en zoek wat de spreker echt wil duidelijkmaken.

  3. Vraag 3

    Lees de tekst. Bij het natuuronderhoud werken leerlingen in groepen. Groep 1 haalt afval weg bij het park. Groep 2 zet planten uit in de border. Groep 3 controleert of er voldoende water in de gieters zit voordat de planten worden geplant. “Vandaag kunnen we sneller werken,” zegt Ilse. “Maar we mogen niet vergeten dat het ook veilig moet blijven. Als we haast krijgen, kunnen we iets over het hoofd zien.” Wat bedoelt Ilse met “iets over het hoofd zien”?

    1. ADat je te weinig afval ophoudt, zodat het park vuil blijft
    2. BDat je door haast een fout of onveilige situatie mist
    3. CDat je sneller klaar bent omdat je minder taken hebt
    4. DDat je groep anders ingedeeld moet worden omdat je te laat komt
    Bekijk antwoord en uitleg

    Dat je door haast een fout of onveilige situatie mist — De uitdrukking betekent dat je door haast iets belangrijks niet opmerkt, bijvoorbeeld een risico voor de veiligheid.

  4. Vraag 4

    Lees de tekst. Je kunt in een bibliotheek verschillende soorten boeken vinden. Het archief bevat boeken die minder vaak worden uitgeleend. Dat zijn meestal oudere naslagwerken. Nieuwe uitleenboeken vind je in de grote zaal, zodat je ze makkelijk kunt pakken. Als een boek niet te vinden is, kun je in het systeem zoeken op titel of auteur. De bibliotheekmedewerker legt uit: “Zo voorkom je dat je tijd verliest aan lang zoeken.” Welke handeling helpt het meest om tijd te besparen volgens de tekst?

    1. ABoeken uit het archief pakken zonder te zoeken
    2. BOp maandag alleen naar de grote zaal gaan
    3. CZoeken in het systeem op titel of auteur
    4. DWachten tot een boek vanzelf terugkomt
    Bekijk antwoord en uitleg

    Zoeken in het systeem op titel of auteur — Kies de optie die direct overeenkomt met de oplossing die in de tekst wordt genoemd.

  5. Vraag 5

    Lees de tekst. De gemeente wil het verkeer veiliger maken rondom scholen. Daarom worden er binnenkort extra zebrapaden geplaatst. Ook komen er camera’s bij de kruising om te meten hoeveel auto’s te hard rijden. Sommige ouders zijn bezorgd: “Zebrapaden zijn fijn, maar als er nog steeds te hard wordt gereden, helpt het niet.” De wethouder antwoordt: “Daarom plaatsen we niet alleen zebrapaden. We nemen maatregelen die het gedrag beïnvloeden én we meten wat het effect is.” Wat is het belangrijkste verschil tussen de reactie van ouders en die van de wethouder?

    1. AOuders twijfelen aan het effect; de wethouder benadrukt dat er meerdere maatregelen komen en dat het effect wordt gemeten.
    2. BOuders vinden zebrapaden overbodig, wethouder wil juist minder zebrapaden
    3. COuders willen vooral camera’s, wethouder wil vooral meer zebrapaden
    4. DOuders zeggen dat meten niet nodig is, wethouder vindt van wel
    Bekijk antwoord en uitleg

    Ouders twijfelen aan het effect; de wethouder benadrukt dat er meerdere maatregelen komen en dat het effect wordt gemeten. — Vergelijk de kern van beide reacties: waar gaat de zorg/boodschap precies over?

  6. Vraag 6

    Lees de tekst. Sommige leerlingen gebruiken een vaste volgorde bij het maken van opdrachten: eerst alles lezen, dan meteen antwoorden opschrijven en pas later controleren. Dat kan goed gaan, maar het risico is dat je de vraag te snel begrijpt. In plaats daarvan kun je werken met een korte controle-stap. Nadat je een antwoord hebt gevonden, lees je de vraag nog eens en kijk je of je antwoord echt past bij wat er wordt gevraagd. “Als ik dat doe,” zegt Joris, “merk ik sneller wanneer ik iets verkeerd heb gelezen.” Welke strategie past het best bij de tekst?

    1. AJe antwoord bewaren en pas aan het einde controleren, omdat tussendoor lezen tijd kost
    2. BAlle tekst overslaan en alleen de eerste zin van de vraag gebruiken
    3. CNa het antwoorden de vraag opnieuw lezen om te checken of je antwoord klopt
    4. DEerst alle antwoorden invullen zonder te lezen wat er precies gevraagd wordt
    Bekijk antwoord en uitleg

    Na het antwoorden de vraag opnieuw lezen om te checken of je antwoord klopt — Let op de aanbevolen werkwijze en zoek de optie die die stap zo dicht mogelijk benadert.

  7. Vraag 7

    Lees de tekst. In een tijdschrift staat een kort verhaal over een jongen die de weg kwijtraakt tijdens een fietstocht. Op het moment dat hij merkt dat hij niet meer weet waar hij is, kijkt hij naar de omgeving. Hij ziet een bord met een pijl naar het kanaal. Even later ziet hij ook een bankje met een naam erop, dezelfde naam als op de routekaart van zijn telefoon. Dat geeft hem vertrouwen. Hij pakt rustig zijn routekaart en kiest de weg die bij het bord hoort. Wat is het gevolg van het zien van het bord met de pijl naar het kanaal?

    1. ADe jongen raakt zeker zijn telefoon kwijt
    2. BDe jongen weet weer welke richting hij op moet
    3. CDe jongen besluit om direct terug te fietsen zonder te kijken
    4. DDe jongen kiest een willekeurige weg omdat hij geen signalen meer nodig heeft
    Bekijk antwoord en uitleg

    De jongen weet weer welke richting hij op moet — Zoek naar ‘waardoor’ of naar het directe effect in de tekst na het genoemde moment.

  8. Vraag 8

    Lees de tekst. Op een schoolsite staat het volgende bericht: “Tijdens de toetsweek mogen leerlingen hun eigen woordenboek gebruiken bij aardrijkskunde en geschiedenis. Voor andere vakken is het woordenboek niet toegestaan. Dit doen we om te zorgen dat iedereen dezelfde soort vragen maakt. Bij aardrijkskunde en geschiedenis zijn er soms moeilijke begrippen, daarom mag je extra hulp gebruiken. Wil je zeker weten of jouw woordenboek toegestaan is? Kijk dan in de bijlage.” Waarom mag een woordenboek juist bij aardrijkskunde en geschiedenis wel?

    1. AOmdat daar geen vragen staan die je kunt begrijpen
    2. BOmdat daar moeilijke begrippen voorkomen en hulp nodig kan zijn
    3. COmdat het bij die vakken verplicht is om een woordenboek te hebben
    4. DOmdat de bijlage zegt dat woordenboeken overal mogen
    Bekijk antwoord en uitleg

    Omdat daar moeilijke begrippen voorkomen en hulp nodig kan zijn — Focus op de reden die het bericht expliciet noemt voor het toestaan van het woordenboek.

  9. Vraag 9

    Lees de tekst. In de klas wordt er gesproken over kunst. Amir zegt: “Kunst is pas goed als het iets laat zien dat je meteen herkent, zoals een portret.” Lotte reageert: “Ik vind kunst juist interessant wanneer je moet nadenken. Soms zie je niet meteen wat het is, maar dan probeer je erachter te komen wat de maker wil zeggen.” De juf vat samen: “Het belangrijkste is dat je kunt uitleggen waarom je iets vindt passen bij jouw idee van kunst.” Welke uitspraak laat volgens de tekst het beste zien wat de juf bedoelt?

    1. AJe moet altijd hetzelfde oordeel geven als je klasgenoten
    2. BJe moet vooral letten op kleur, niet op inhoud
    3. CJe moet kunnen vertellen waarom je iets een vorm van kunst vindt
    4. DJe hoeft geen voorbeelden te geven, als je maar snel kiest
    Bekijk antwoord en uitleg

    Je moet kunnen vertellen waarom je iets een vorm van kunst vindt — Bepaal eerst wat de juf als ‘belangrijkste’ noemt en kies daarna de optie die dat het best herhaalt.

  10. Vraag 10

    Lees de tekst. Wanneer je een natuurfilm kijkt, is het handig om vooraf te bedenken welke informatie je zoekt. Stel dat je wilt weten hoe planten water opnemen. Dan let je tijdens het kijken op zinnen en beelden die iets zeggen over wortels, transport en opname. Na de film is het nuttig om je aantekeningen te ordenen. Gebruik bijvoorbeeld kopjes zoals “wortels”, “watertransport” en “opname”. De tekst van de maker kan daarbij helpen: soms worden de belangrijkste punten aan het begin of aan het eind herhaald. Welke aanpak sluit het best aan bij het doel om te begrijpen hoe planten water opnemen?

    1. ATijdens de film vooral letten op grappige momenten, zodat je onthoudt wat er is gebeurd
    2. BVooraf kopjes kiezen en tijdens het kijken gericht aandacht geven aan wortels, transport en opname
    3. CNa afloop alleen de eerste zin van de film opschrijven, omdat die meestal alles bevat
    4. DTijdens het kijken alles opschrijven zonder te letten op welk onderwerp bij jouw doel past
    Bekijk antwoord en uitleg

    Vooraf kopjes kiezen en tijdens het kijken gericht aandacht geven aan wortels, transport en opname — Koppel je doel aan de informatie waarop je gericht moet letten volgens de tekst.

Downloaden

Bewaar of print de oefentoets.

De antwoorden en uitleg staan achter de vragen in dezelfde PDF.

Download PDF

Verder oefenen

Meer begrijpend lezen voor groep 7

Bekijk de onderwerpen en een extra voorbeeldvraag voor deze groep.

Bekijk de oefenpagina

Deze oefentoets bevat zelfgemaakte vragen en is niet afkomstig van of goedgekeurd door Stichting Cito of een andere toetsaanbieder. Onderwerpen en niveau kunnen per school verschillen.

Een nieuwe toets maken?

Oefen verder in Slimmerik Trainer.

Kies zelf groep, vak, niveau en het aantal vragen.

Download in deApp Store